Gemeentelijk rioolbeheer wordt steeds meer een kwestie van prioriteren. Niet iedere leiding of ieder gemaal kan even intensief worden geïnspecteerd. Daarom zijn terugkerende verstoppingen, vetophoping en geurklachten waardevolle signalen. Macero’s geurvreter oplossingen richten zich bijvoorbeeld op stank die samenhangt met processen in afvalwater. Voor een beheerder is vooral interessant waarom zo’n probleem op een specifieke locatie optreedt. Door storingsgegevens, H₂S-metingen, reinigingsfrequenties en lokale belasting te combineren, ontstaat een basis voor risicogestuurd beheer. Daardoor verschuift de aandacht van periodiek dezelfde werkzaamheden uitvoeren naar gericht ingrijpen waar de kans en impact van problemen het grootst zijn.

Geurmeldingen zijn meer dan bewonersklachten

Een geurmelding wordt vaak als afzonderlijk incident behandeld. Bij herhaling ontstaat echter een patroon dat iets kan vertellen over het functioneren van het riool.

Waterstofsulfide kan bijvoorbeeld ontstaan wanneer afvalwater onder zuurstofarme omstandigheden langere tijd in het stelsel verblijft. Bij een ontvangstput of gemaal kan het gas door turbulentie vrijkomen.

Wanneer meldingen steeds rond dezelfde locatie voorkomen, is het daarom verstandig om te onderzoeken of sprake is van structurele H₂S-vorming.

Ook vet geeft informatie over lokale belasting

Een vetafscheider is bedoeld om vet en olie uit afvalwater te houden voordat dit naar het gemeentelijke riool stroomt. De installatie vertraagt de stroming, waardoor vet boven komt drijven en bezinkbare stoffen achterblijven.

Toch kunnen in het openbare stelsel vetproblemen ontstaan. Vooral bij clusters van horeca of andere voedselverwerkende activiteiten kunnen meerdere kleine belastingen samen een duidelijke probleemlocatie veroorzaken.

Voor een gemeente is de locatie van terugkerende vetophoping daarom relevante informatie voor het risicoprofiel van een rioolstreng.

H₂S kan ook de technische levensduur beïnvloeden

Waterstofsulfide is niet alleen relevant vanwege geur. Stichting RIONED beschrijft het proces waarbij H₂S vanuit afvalwater naar de gasfase overgaat en kan bijdragen aan biogene zwavelzuuraantasting. 

Een locatie met herhaalde hoge concentraties verdient daardoor mogelijk een hogere inspectieprioriteit.

Van kalendergestuurd naar probleemgestuurd onderhoud

Traditioneel onderhoud gebeurt vaak volgens een vaste cyclus. Dat heeft als voordeel dat werkzaamheden voorspelbaar zijn, maar houdt niet altijd rekening met verschillen tussen locaties.

Een risicogestuurde aanpak kijkt bijvoorbeeld naar:

  • aantal storingen per jaar;
  • frequentie van extra reiniging;
  • bekende vetbelasting;
  • H₂S-pieken;
  • ouderdom en materiaal van het stelsel;
  • gevolgen van uitval voor de omgeving.

Daarmee kan onderhoud worden geconcentreerd waar de verwachte schade of overlast het grootst is.

Macero combineert metingen en biologische behandeling

Macero werkt binnen gemeentelijke afvalwatersystemen met biologische toepassingen voor vet- en geurproblemen. Voor H₂S-vraagstukken kunnen eerst concentraties over een langere periode worden gemeten. Bij vetproblemen kan een pilot voor biologische vetafbraak worden uitgevoerd waarbij locaties periodiek worden geïnspecteerd en resultaten worden vastgelegd.

Voor risicogestuurd beheer is vooral de meetbaarheid interessant. Een behandeling krijgt meer waarde wanneer de gemeente kan vergelijken hoe een locatie zich vóór en na de ingreep gedraagt.

Gebruik problemen als bron van beheerdata

Een verstopping, geurmelding of vervuild gemaal is ongewenst, maar levert ook informatie op. Wanneer deze signalen consequent worden geregistreerd, kunnen patronen ontstaan die anders onzichtbaar blijven.

Gemeenten kunnen zo steeds beter voorspellen welke locaties extra aandacht nodig hebben. Het resultaat is geen rioolstelsel zonder risico’s, maar wel een beheerstrategie waarin beschikbare tijd en middelen doelgerichter worden ingezet.